In mijn eerdere artikel ‘Het is de waarheid’ schreef ik over de vrijspraak in de zaak rondom Marco Borsato en over het mediacircus dat zich daar jarenlang omheen vormde. Over hoe publieke oordelen vaak sneller zijn dan juridische conclusies, en hoe dat iets kapot kan maken in het gesprek over seksueel grensoverschrijdend gedrag.

Wat ik toen nog niet expliciet benoemde, is hoe eenzaam zo’n proces is. En hoe die eenzaamheid niet stopt bij een uitspraak. Niet voor degene die aangifte deed. Niet voor degene die werd beschuldigd. En ook niet voor de mensen eromheen.

Over spreken, twijfels en nergens écht landen

Voor iemand die aangifte doet in een zaak als deze verandert alles. Niet alleen omdat er een juridisch proces volgt, maar ook omdat een persoonlijk verhaal publiek wordt. Herinneringen worden onderzocht, woorden gewogen, details uitvergroot. Dat gebeurt in de hoop op helderheid, op erkenning — of simpelweg op een antwoord.

Maar wanneer een zaak eindigt in vrijspraak, blijft er iets open. Juridisch is er duidelijkheid: onvoldoende bewijs. Menselijk gezien is die duidelijkheid er vaak niet. Een uitspraak zegt niets over hoe iemand iets heeft beleefd, alleen over wat vast te stellen is binnen het recht.

Dat verschil kan eenzaam voelen. Niet omdat de rechter “ongelijk” zou hebben, maar omdat ervaring en bewijs niet altijd samenvallen. De twijfel die ontstaat — bij de buitenwereld, maar ook bij jezelf — is misschien wel het zwaarste om te dragen. Niet weten wat jouw verhaal waard is in een wereld die om zekerheden vraagt.

Veel mensen die ooit seksueel grensoverschrijdend gedrag hebben meegemaakt, herkennen dat spanningsveld. Niet specifiek deze zaak, maar het mechanisme erachter. Het besef dat spreken je niet per definitie verlichting brengt. Het kan ook leiden tot meer vragen.

Vrijgesproken, maar niet vrij zijn

Tegelijkertijd is vrijspraak geen terugkeer naar het oude leven. Voor degene die beschuldigd werd, is het juridische einde geen emotioneel of maatschappelijk herstel. Jaren van verdenking, media-aandacht en publieke opinie laten sporen na die niet verdwijnen met vrijspraak.

Ook hier ontstaat een eenzaamheid die weinig wordt benoemd. Niet omdat die gelijk staat aan het mogelijke leed van een slachtoffer, maar omdat het laat zien hoe destructief publieke processen kunnen zijn. Vrijspraak betekent juridisch onschuldig,

maar in het publieke bewustzijn blijft vaak iets hangen: twijfel, argwaan, verdeeldheid.

Zo moet ook de beschuldigde zich verhouden tot een verhaal dat groter is geworden dan hijzelf. Waarin hij geen regie had, maar wel de gevolgen draagt.

Het dragen van nabijheid

En dan zijn er de naasten. Aan beide kanten. Familie, partners, vrienden — zij bewegen zich vaak in stilte, gevangen tussen loyaliteit en machteloosheid. Wat steun je? Wie geloof je? Wat zeg je — en tegen wie? Ook zij worden onderdeel van een verhaal dat ze niet kozen, maar dat wel hun leven raakt.

Hun eenzaamheid is misschien het meest onzichtbaar. Ze hebben geen stem in het debat, maar leven dagelijks met de impact ervan.

Als het gezegd is

Wat al deze posities met elkaar verbindt, is de stilte. Niet de stilte van geheimhouding, maar die van daarna. Wanneer het gezegd is en geoordeeld. Wanneer er niets meer hoeft — en juist daardoor alles voelbaar wordt.

In die stilte blijken alle betrokkenen een eigen, eenzaam proces te doorlopen. Het slachtoffer met vragen die niet verdwijnen, en met de gemiste erkenning die daar vaak onder ligt. De beschuldigde met een leven dat niet terugkeert naar hoe het was. De naasten, met eigen gedachten en machteloosheid. Niemand staat precies op dezelfde plek, en toch is er iets gedeeld: het alleen moeten dragen van wat niet meer publiek is, maar ook niet voorbij.

Wat blijft?

Seksueel grensoverschrijdend gedrag — of de beschuldiging daarvan — laat geen nette eindes achter. Het raakt aan vertrouwen, identiteit, relaties. En het laat zien hoe weinig ruimte er is voor alles wat niet zwart-wit is. De stilte na een zaak, het alleen dragen van vragen, de gemiste erkenning, dat alles blijft hangen en verbindt iedereen die erbij betrokken was. Misschien vraagt dat niet om snellere conclusies, maar om meer terughoudendheid. Om het besef dat niet alles wat juridisch helder is, ook menselijk afgerond voelt. En dat achter elke zaak mensen staan die na afloop verder moeten — vaak alleen, en vaak met meer vragen dan antwoorden.

Geschreven door Sarah Tulling

Sarah Tulling (1982) is afgestudeerd toegepast psycholoog en werkt als casemanager bij Centrum Seksueel Geweld (CSG) in West-Midden Brabant. Ze ondersteunt slachtoffers van seksueel geweld. Niet alleen vanuit haar vak, maar ook vanuit persoonlijke ervaring. In 2022 kwam haar boek ‘Waarom reed je door de polder?’ uit, waarin ze vertelt over haar eigen worstelingen als slachtoffer en hulpverlener, maar daarnaast hoop geeft op een leven na seksueel geweld. Sarah schrijft regelmatig voor Fabriek69 een artikel, blog, column of een gedicht  over actualiteit met betrekking tot seksueel grensoverschrijdend gedrag.

Laurent is zijn hele werkzame leven directeur en bestuurder geweest binnen diverse organisaties in zorg, welzijn en onderwijs. In deze podcastaflevering vertelt hij hoe belangrijk het is dat bestuurders, directeuren en managers werkelijk present zijn om de thema’s seksuele gezondheid en seksueel geweld/misbruik bespreekbaar te maken. Hij benadrukt dat het normaliseren van relaties, intimiteit en seksualiteit essentieel is—want iedereen heeft ermee te maken. Laurent voert hierover bijvoorbeeld gesprekken met professionals binnen organisaties, waarbij de mensvisie van zowel hemzelf als de professional centraal staat. Het gaat immers niet om systemen of protocollen; niemand werkt in de zorg omdat hij of zij graag ‘geprotocolleerd’ wil werken. Het gaat om het mensbeeld.

Naar aanleiding van het boek, “Het Grote 9-tot-5 Taboe: verantwoordelijkheid nemen voor relaties, intimiteit en seksualiteit door bestuurders, directeuren en managers”, gaan auteurs Christel van der Horst en Jeroen Hindriks elke twee weken in gesprek met een bijzondere gast en vragen hen naar hun visie en learnings.

Luister naar ons gesprek met Laurent en laat je inspireren. We zijn vooral ook zeer benieuwd naar je reactie. Op 21 januari komt aflevering 5 online, met een nieuwe bestuurder, directeur en/of manager over seksuele gezondheid en seksueel misbruik binnen zorg, welzijn en onderwijs.

Marlie is manager Zorg, Wonen en Dagbesteding bij Koninklijke Kentalis in Vries. Binnen Kentalis is het thema relaties, intimiteit en seksualiteit volledig geïntegreerd in alle werkprocessen. In deze aflevering vertelt Marlie hoe ze dat voor elkaar hebben gekregen én hoe dit wordt geborgd, zodat het onderwerp niet zomaar van de agenda verdwijnt.

Naar aanleiding van het boek, “Het Grote 9-tot-5 Taboe: verantwoordelijkheid nemen voor relaties, intimiteit en seksualiteit door bestuurders, directeuren en managers”, gaan auteurs Christel van der Horst en Jeroen Hindriks elke twee weken in gesprek met een bijzondere gast en vragen hen naar hun visie en learnings.

Luister naar ons gesprek met Marlie en laat je inspireren. We zijn vooral ook zeer benieuwd naar je reacties. Op 7 januari 2026 komt aflevering 4 online, met een nieuwe bestuurder, directeur en/of manager over seksuele gezondheid en seksueel misbruik binnen zorg, welzijn en onderwijs.

Herbert werkt als interim-directeur/bestuurder in de zorg en heeft ervaring bij verschillende organisaties. Waar hij ook binnenkomt, vindt hij het als interim-manager belangrijk om een veilige omgeving te creëren waarin de thema’s relaties, intimiteit en seksualiteit bespreekbaar zijn. Het mag er namelijk zijn!
Daarbij speelt zijn eigen rol een grote invloed: hij moet niet alleen zelf bereid zijn naar zichzelf te kijken, maar vraagt dat ook van zijn collega-managers. Alleen zo kunnen zij goed aansluiten bij de vragen en behoeften van professionals om dit thema echt handen en voeten te geven.

Naar aanleiding van het boek, “Het Grote 9-tot-5 Taboe: verantwoordelijkheid nemen voor relaties, intimiteit en seksualiteit door bestuurders, directeuren en managers”, gaan auteurs Christel van der Horst en Jeroen Hindriks elke twee weken in gesprek met een bijzondere gast en vragen hen naar hun visie en learnings.

Luister naar ons gesprek met Herbert en laat je inspireren. We zijn vooral ook zeer benieuwd naar je reactie. Op 10 december komt aflevering 3 online, met een nieuwe bestuurder, directeur en/of manager over seksuele gezondheid en seksueel misbruik binnen zorg, welzijn en onderwijs.

 

Naar aanleiding van het boek, “Het Grote 9-tot-5 Taboe: verantwoordelijkheid nemen voor relaties, intimiteit en seksualiteit door bestuurders, directeuren en managers”, brengen de auteurs Christel en Jeroen nu een podcast-serie hierover uit.

Vandaag de eerste aflevering in deze serie met bestuurder Ageeth Ouwehand, bestuurder bij ’s Heeren Loo. Ageeth vindt het belangrijk om als bestuurder voorbeeldgedrag te laten zien. Zo werd Ageeth zich daarvan nog meer bewust toen ze met collega’s tijdens Coming Out Day de diversiteitsvlag gingen hijsen, samen met cliënten, en dat cliënten binnen ’s Heeren Loo mogen zijn wie ze zijn. Maar naderhand kreeg ze ook reacties van medewerkers, die ook tot de LHBTIQA+ gemeenschap behoren, dat zij zich enorm gesteund voelden door deze actie.

Het thema relaties, intimiteit en seksualiteit is iets wat binnen de organisatie een onderwerp van alledag is. Het staat bijvoorbeeld niet in de Jaarplannen van ’s Heeren Loo, omdat het bij het leven hoort. Ageeth geeft aan dat ze het in de Jaarplannen ook niet specifiek hebben over bijvoorbeeld eten en geldgebruik bij cliënten. Waarom zou dat dan wel met een thema als seksualiteit moeten?

Luister naar ons gesprek met Ageeth en laat je inspireren. We zijn vooral ook zeer benieuwd naar jullie reacties. Op 26 november komt aflevering twee online, met een nieuwe bestuurder, directeur en/of manager over seksuele gezondheid en seksueel misbruik binnen zorg, welzijn en onderwijs.

Soms lees ik een nieuwsbericht dat zich niet laat verwerken. Een nieuwsbericht dat blijft steken. Dat geen ruimte biedt voor nuance en zich juist daardoor opdringt. Zoals het verhaal van een 21-jarige vrouw die stierf na een avond die de verdachte – haar huisgenoot, een man van 31 – later ‘erotisch’ noemde. Zij zou zijn gestikt tijdens orale seks, terwijl ze zwaar onder invloed was. Hij filmde haar, sprak haar toe op denigrerende toon en deelde video’s via Snapchat.

Ik weet niet wat me het meest misselijk maakt. De dood. De beelden. Het delen. Het feit dat hij zei dat hij zich er niets van herinnert. Of dat hij beweert dat haar overlijden niet met de seks te maken had, terwijl ze overduidelijk weerloos was.

Weerloos
Ik blijf haken aan dat woord: weerloos. Het staat er bijna terloops, maar het is zo allesomvattend. Ze was weerloos. En hij had daar macht over. Telkens als ik het teruglees, slaat dat besef elke keer opnieuw in. De beelden bevestigen het, zegt justitie: hij had de regie. Hij ‘deelde de lakens uit’. En zij? Zij gaf over, lag buiten bewustzijn op de bank. Op enig moment stopte ze met ademen.

Ik probeer me haar voor te stellen die avond. Niet om haar te beoordelen, maar juist om haar mens te maken. Een jonge vrouw die bij iemand in huis woonde, met wie ze een drankje dronk, een jonge vrouw die misschien dacht dat het een normale avond zou worden of in elk geval geen laatste. De avond verliep alleen niet normaal. Hij maakte opnames. Hij deelde ze. Hij vernederde haar.

Toestemming
En dan is er dat eenvoudige maar alleszeggende principe dat we zijn gaan kennen via het filmpje Consent: it’s simple as tea van Thames Valley Police. Daarin wordt uitgelegd hoe absurd het zou zijn om iemand thee te geven als die bewusteloos is. Of om te blijven proberen die thee in iemands mond te gieten als diegene niet reageert. Iedereen begrijpt: dat is heel iets anders dan iemand thee aanbieden: dat is dwang.

Hetzelfde geldt voor seks. Iemand die buiten bewustzijn is, die overgeeft, die niet meer aanspreekbaar is, kan geen toestemming geven. Geen ‘ja’, geen nee, geen grens. Seks met iemand die daar geen uitdrukkelijke, wakkere instemming voor kan geven, is geen seks. Dat is grensoverschrijding. Dat is verkrachting.

Een ander woord voor moord?
De aanklacht luidt: seksueel binnendringen van een in onmacht verkerend persoon, met de dood tot gevolg. Dertig maanden cel wordt geëist. Tweeënhalf jaar.

Ik probeer dat te laten bezinken. Tweeënhalf jaar voor een leven dat eindigde tijdens een daad waar zij nooit toestemming voor kon geven. Omdat ze niet bij kennis was. Omdat ze niet meer kon spreken. Omdat haar stem – letterlijk – uitviel.

Is dit dan hoe we seksueel geweld noemen als het leidt tot de dood? Seksueel binnendringen, onmacht, overlijden. Ik zoek naar woorden, maar elk woord voelt als een doekje voor het bloeden. Geen van de termen dekt de lading van wat hier is gebeurd.

Verlies
Haar moeder was al overleden. Haar vader ook. Nu is zij weg. Een tante sprak namens de familie. De relatie tussen het meisje en de man was ‘onveilig en ongezond’, zei ze. Een understatement, vermoed ik, waar verdriet en onmacht in verscholen liggen. Want hoe vertel je in de rechtszaal over een geliefde die op deze manier uit het leven werd getrokken?

Er is nog zoveel dat we niet weten. De telefoon van het meisje bevat een urenlange geluidsopname van die avond, maar kan niet worden geopend. Het voelt als een metafoor: de waarheid zit achter slot en grendel, net als haar stem, haar kant van het verhaal.

Wat rest
Ik schrijf dit stuk met tegenzin. Alles in mij wil het niet weten, niet zien, niet voelen. Maar ik wil ook niet wegkijken. Want deze dood is niet alleen van haar, niet alleen van die avond. Het is ook een verhaal over hoe wij als samenleving omgaan met toestemming, met macht, met vrouwenlichamen, met het gemak waarmee we iets erotisch noemen wat in feite gewelddadig is.

Het is een verhaal waarvoor ik geen slotzin heb. Alleen dit: er is een jonge vrouw gestorven. En ik weet niet of ik ooit echt zal begrijpen hoe dat kon gebeuren.

 

Geschreven door Sarah Tulling

Sarah Tulling (1982) is afgestudeerd toegepast psycholoog en werkt als casemanager bij Centrum Seksueel Geweld (CSG) in West-Midden Brabant. Ze ondersteunt slachtoffers van seksueel geweld. Niet alleen vanuit haar vak, maar ook vanuit persoonlijke ervaring. In 2022 kwam haar boek ‘Waarom reed je door de polder?’ uit, waarin ze vertelt over haar eigen worstelingen als slachtoffer en hulpverlener, maar daarnaast hoop geeft op een leven na seksueel geweld. Sarah schrijft regelmatig voor Fabriek69 een artikel, blog, column of een gedicht  over actualiteit met betrekking tot seksueel grensoverschrijdend gedrag.

Het rapport “Alsof je geen grenzen hebt” sprak mij direct aan. Niet alleen omdat ik zelf ook niet zo makkelijk in één hokje pas, maar vooral omdat het raakt aan iets wat vaak onbesproken blijft: hoe het is om als bi+ vrouw te leven in een wereld waarin je seksuele identiteit nog steeds verkeerd begrepen, genegeerd of geseksualiseerd wordt — en hoe dat alles van invloed is op hoe je seksueel geweld ervaart, of juist probeert te vergeten.

Een vergeten groep

We hebben het de laatste jaren steeds vaker over seksueel geweld. Gelukkig. Maar ik merk dat het vaak gaat over vrouwen in het algemeen of slachtoffers in het algemeen. Minder vaak staan we stil bij groepen binnen die groep — zoals bi+ vrouwen — die extra kwetsbaar zijn. En dat terwijl het rapport glashelder is: bi+ vrouwen maken bovengemiddeld vaak seksueel geweld mee. En ze zoeken minder snel hulp. Simpelweg omdat ze zich niet gehoord of begrepen voelen. Of erger nog: omdat ze bang zijn niet geloofd te worden of uit angst dat de omgeving zal denken dat ze het er zelf naar gemaakt hebben. Want een bi+ vrouw experimenteert tenslotte toch veel meer?

Een dubbel onbegrip

Wat me raakt in de verhalen uit het rapport is de constante botsing tussen twee werelden: de seksistische aannames waar álle vrouwen mee te maken krijgen, en de specifieke vooroordelen die op je geplakt worden als je bi+ bent. Alsof je seksleven per definitie open ligt. Alsof je altijd wel “in” bent voor iets. Alsof je grenzen vager zijn — of zelfs niet bestaan.

Ik ken de opmerking: “Dan wil je zeker ook wel een trio met een man en een vrouw?” En hoewel ik zelf nooit eerder stil had gestaan bij hoe mijn seksuele oriëntatie daar invloed op had, zet het rapport me aan het denken. Misschien heb ik me vaker ongemakkelijk gevoeld dan ik mezelf heb toegestaan om te voelen.

De mythe van beschikbaarheid

Wat bi+ vrouwen meemaken lijkt vaak op een optelsom van verkeerde aannames. Dat je niet weet wat je wil. Dat je altijd experimenteel bent. Dat je fase-achtig of instabiel bent. Die beeldvorming is schadelijk, zeker als je grens wordt overschreden. Want wat als iemand jouw “nee” niet serieus neemt omdat je toch al “alles” probeert? Wat als je het gevoel krijgt dat je het moet uitleggen, bewijzen, rechtvaardigen?

In het rapport komt pijnlijk duidelijk naar voren hoe vrouwen vertellen dat hun bi+ identiteit werd gebruikt als excuus of aanleiding voor grensoverschrijdend gedrag. En opnieuw is het confronterend om te beseffen hoe logisch het is dat sommige mensen pas jaren later – of zelfs nooit – over hun ervaring praten.

Een ongemakkelijke waarheid

Wat me blijft bijten is de gedachte dat hulp zoeken — als je überhaupt al durft — ook niet altijd veilig voelt. Niet als je moet uitleggen dat je biseksueel bent. Niet als je het idee hebt dat de hulpverlener denkt dat jij “verwarrend” bent. En al helemaal niet als je het gevoel krijgt dat je seksualiteit in twijfel wordt getrokken voordat je verhaal überhaupt echt gehoord is.

De grens telt. Altijd.

Wat ik hoop — nee, wat ik wíl — is dat dit rapport meer doet dan even rimpels maken in het maatschappelijke water. Dat het mensen aanzet om echt te luisteren. Niet alleen naar wat er gezegd wordt, maar ook naar wat er tussen de regels klinkt. Dat een hulpverlener niet alleen hoort wat je meemaakt, maar ook snapt wát het betekent om als bi+ vrouw door deze wereld te bewegen.

Want uiteindelijk draait het daar om, denk ik: dat jouw grens niet afhankelijk is van hoe iemand jouw seksualiteit begrijpt. Een grens is een grens. Punt.

Erkenning als beginpunt

We hoeven niet allemaal bi+ te zijn om ons in te kunnen leven. Maar het helpt wel als we ons bewust zijn van hoe identiteit meespeelt in hoe mensen geraakt kunnen worden. Seksueel geweld is niet één verhaal. Het zijn er veel. En juist die veelheid verdient aandacht.

Voor mij is dit rapport dan ook geen beleidsstuk, geen lijstje aanbevelingen. Het is een uitnodiging. Een uitnodiging om het gesprek breder te voeren, eerlijker, en met minder aannames. En vooral: om vaker te vragen, minder snel te oordelen, en meer te luisteren.

Juist omdat ik niet in het ‘standaard hokje’* pas, wil ik niet behandeld worden alsof dat mij speciaal maakt. Maar ik wil wél serieus genomen worden als mens. En dat begint met erkenning. Van wat ik voel. Van wat ik meemaak. Van wie ik ben.

* Met ‘standaard hokje’ bedoel ik het maatschappelijke uitgangspunt van heteroseksualiteit en een genderidentiteit die overeenkomt met het geboortegeslacht. Al geloof ik eerlijk gezegd dat niemand echt in een standaard hokje past.

 

Geschreven door Sarah Tulling

Sarah Tulling (1982) is afgestudeerd toegepast psycholoog en werkt als casemanager bij Centrum Seksueel Geweld (CSG) in West-Midden Brabant. Ze ondersteunt slachtoffers van seksueel geweld. Niet alleen vanuit haar vak, maar ook vanuit persoonlijke ervaring. In 2022 kwam haar boek ‘Waarom reed je door de polder?’ uit, waarin ze vertelt over haar eigen worstelingen als slachtoffer en hulpverlener, maar daarnaast hoop geeft op een leven na seksueel geweld. Sarah schrijft regelmatig voor Fabriek69 een artikel, blog, column of een gedicht  over actualiteit met betrekking tot seksueel grensoverschrijdend gedrag.

In deze aflevering gaat Christel in gesprek met Joyce Grul. Zij werkt als programmamanager Seksuele Veiligheid aan de Universiteit Maastricht. Hier is zij verantwoordelijk voor het ontwikkelen en implementeren van een universiteitsbreed, wetenschappelijk onderbouwd programma ter preventie van seksueel grensoverschrijdend gedrag en voor het verbeteren van de respons wanneer het zich voordoet. Ze is alumna van de universiteit en haar roots liggen bij de opleiding geneeskunde. Seksueel welzijn loopt als een rode draad door haar studies en werk, en ze krijgt energie van het bespreekbaar maken van onderwerpen waar vaak nog een taboe op rust.

In deze podcast staan we stil bij wat er op Universiteit Maastricht op dit gebied gedaan wordt en voor welke uitdagingen zij staan met betrekking tot het inbedden van een structurele aanpak.

Joyce licht toe welke vijf pijlers zij hebben in het programma seksuele veiligheid.

* Training voor studenten

* Training voor medewerkers

* Procedures en beleid

* Communicatie zowel intern als bewustwordingscampagnes

* Monitoring en evaluatie

Luister deze aflevering wanneer je meer wil leren over hoe er binnen Universiteit Maastricht wordt gewerkt aan seksuele veiligheid.En welke lessen en aanbevelingen Joyce heeft voor andere universiteiten en hogescholen.

Wil je ook binnen jouw onderwijsinstelling een scholing op dit terrein? Neem dan contact met ons op om meer te leren over onze mogelijkheden! Mail naar: info@fabriek69.nl

Het zingt nog na in mijn hoofd: ‘ik heb zélfs mijn vrouw niet verkracht’. Het klonk bijna alsof hij er een lintje voor verwachtte… De documentaire Blauwe Ballen en andere verkrachtingsmythes van Sunny Bergman, te zien op NPO Start, biedt een blik op het fenomeen ‘blauwe ballen’ dat voorkomt wanneer seksuele opwinding niet wordt gevolgd door een orgasme. Het kan leiden tot pijn of ongemak in de testikels. Hoewel het vaak als onschuldig wordt gezien, heeft het invloed op hoe mannen hun seksualiteit ervaren en over seks praten.

De documentaire gaat verder dan alleen dit fenomeen. Het geeft een podium aan de bredere discussie over seksualiteit en de taboes die ermee gepaard gaan. Blauwe Ballen biedt een eerlijk en puur perspectief, waardoor kijkers zich bewuster worden van de complexiteit van seksualiteit én seksueel geweld.

Seksueel geweld zonder geweld

Uiteraard komen vrouwen aan het woord die stuk voor stuk slachtoffer zijn van seksueel geweld, maar de focus ligt niet alleen op slachtoffers van seksueel geweld, ook op de pleger. De pleger: niet de stereotiepe vreemdeling in een donker steegje, maar de “gewone man”: een vriend, partner, collega of klasgenoot. Hoe zien zij hun eigen gedrag?

Om dit te onderzoeken, reist Bergman met een mobiel spiegelhuisje door het land. Mannen worden uitgenodigd om naar binnen te stappen en na te denken over hun eigen grenzen en gedrag. De gesprekken die hieruit voortvloeien zijn eerlijk, soms ontwijkend, maar ook kwetsbaar. Ervaren ze het ongemak? Vinden ze het moeilijk om (serieus) over seksualiteit te praten? Of misschien zelfs naar het eigen gedrag te kijken? Geen enkele man ziet zichzelf als verkrachter, maar meerdere mannen geven aan dat ze misschien, wellicht, mogelijk wel over de grens zijn gegaan, maar zonder dat ze zich dat destijds volledig beseften: “Ik dacht dat het gewoon een misverstand was, maar misschien wilde zij echt niet.”

Het is belangrijk om te begrijpen dat seksueel geweld in de meeste gevallen helemaal niet gepaard gaat met (fysiek) geweld. Het kan ook psychologisch zijn, zoals manipulatie of dwang of een gebrek aan communicatie. Dit maakt het probleem complexer en moeilijker voor zowel slachtoffers als plegers om het te herkennen en erover te spreken.

Maak de vrouwen weerbaar

Bergman laat ook de advocatuur, politie en het OM aan het woord. Gerard Spong liet mij verbijsterd achter door de wijze waarop hij spreekt over vrouwen en verkrachting. Hij stelt namelijk dat vrouwen zich vaak snel laten verkrachten. Volgens hem geven ze hun verzet snel op. De advocaat beweert dat wanneer vrouwen weerbaarder zouden zijn, het aantal verkrachtingen zou afnemen. Hij vindt dat vrouwen niet zouden moeten “bevriezen” in zulke situaties, maar actief zouden moeten reageren.

Bevriezen is een volkomen normaal overlevingsmechanisme. In stressvolle en gevaarlijke situaties, zoals bij verkrachting, kunnen mensen letterlijk bevriezen door de enorme stress en angst. Dit is een instinctieve reactie van het lichaam die geen controle of bewuste keuze is. Na zo’n gebeurtenis kan het slachtoffer zich schuldig voelen en zichzelf verwijten onvoldoende verzet te hebben gepleegd, maar dat betekent niet dat de vrouw verantwoordelijk is voor de aanval. Gerard is een intelligente man en ik kan me niet voorstellen dat hij niks afweet van overlevingsmechanismen. Ik kan me wel heel goed voorstellen dat Gerard het de komende tijd nóg drukker gaat krijgen met het bijstaan van plegers.

Hertraumatisering door het systeem

Ik kijk met een positief gevoel terug op mijn ervaring met politie nadat ikzelf seksueel geweld meemaakte. Ik heb een begripvolle en zorgvuldige bejegening en aanpak van mijn zaak ervaren, maar Blauwe ballen en andere verkrachtingsmythes laat zien hoe slachtoffers die de moed hebben om aangifte te doen, helaas opnieuw getraumatiseerd kunnen raken door het doen van aangifte en het proces dat daarop volgt. In de documentaire horen we schrijnende verhalen over hoe zij door politie werden ondervraagd op een manier die voelt als wantrouwen of victim blaming.

Vragen als “Wat had je aan?”, “Heb je wel duidelijk ‘nee’ gezegd?” of “Waarom ging je met hem mee naar huis?” klinken voor veel slachtoffers als impliciete verwijten. Bergman laat zien hoe dit soort vraagstelling, hoewel juridisch bedoeld om de waarheid boven tafel te krijgen, in de praktijk kan leiden tot gevoelens van schaamte, schuld en ongeloof. Ook de lange wachttijden en het feit dat veel zaken zonder rechtszaak worden geseponeerd, dragen bij aan het gevoel dat slachtoffers er alleen voor staan en besluiten om toch geen aangifte te doen. Want is de straf uiteindelijk bedoeld voor de plegers of voor de slachtoffers?

Jong geleerd

De documentaire benadrukt het belang van seksuele voorlichting aan de jeugd. In de documentaire worden leerlingen uitgedaagd na te denken over wat instemming betekent, hoe je signalen herkent én hoe je je eigen grenzen aangeeft.

Wat opvalt, is hoe weinig jongeren eigenlijk weten over deze thema’s. Voorlichting biedt een kans om misverstanden over grenzen en seks te verhelderen en open gesprekken te voeren. Door deze onderwerpen bespreekbaar te maken, worden kinderen en jongvolwassenen meer bewust van wat er speelt in hun lichaam en geest. Hoe goed is het om kinderen op de basisschool al te leren dat als een meisje een blote buik toont, ze niet automatisch toestemming geeft om die aan te raken? Door het gesprek aan te gaan en ruimte te creëren voor vragen en twijfels, laat blauwe ballen zien hoe essentieel het is om seksuele vorming niet te beperken tot de biologie, maar juist te richten op communicatie, respect en zelfreflectie.

Het zou zomaar kunnen dat meer onderwijs over grenzen, seksueel gedrag en geweld wél de verkrachtingscijfers verlaagt, Gerard.

 

 

Geschreven door Sarah Tulling

Sarah Tulling (1982) is afgestudeerd toegepast psycholoog en werkt als casemanager bij Centrum Seksueel Geweld (CSG) in West-Midden Brabant. Ze ondersteunt slachtoffers van seksueel geweld. Niet alleen vanuit haar vak, maar ook vanuit persoonlijke ervaring. In 2022 kwam haar boek ‘Waarom reed je door de polder?’ uit, waarin ze vertelt over haar eigen worstelingen als slachtoffer en hulpverlener, maar daarnaast hoop geeft op een leven na seksueel geweld. Sarah schrijft regelmatig voor Fabriek69 een artikel, blog, column of een gedicht  over actualiteit met betrekking tot seksueel grensoverschrijdend gedrag.